Overactieve blaas

  • Moet u vaak plassen (meer dan 10x per dag?)
  • Moet u ’s nachts vaker dan 2x plassen?
  • Komt de aandrang in een heel korte tijd opzetten?
  • Bereikt u soms het toilet net te laat?

Als u één of meerdere vragen met ja kunt beantwoorden, dan kan het zijn dat u een overactieve blaas hebt.

Wat is een overactieve blaas: Mensen met een overactieve blaas moeten vaak en/of opeens heel nodig plassen en kunnen hun plas vaak moeilijk ophouden. Bijna een miljoen Nederlanders (mannen en vrouwen) heeft last van een overactieve blaas.  Niet iets om je voor te schamen.

Hoe werkt de blaas normaal? De blaas is eigenlijk een spier die kan samentrekken en ontspannen. De blaas vult zich met urine dat door de nieren wordt uitgescheiden. Is de blaas vol, dan krijgen de hersenen een signaal, dat het tijd is voor een toiletbezoek. Plassen gebeurt doordat de blaas zich samentrekt en de sluitspier van de blaas zich ontspant.

Wat is er aan de hand met een overactieve blaas? Bij een overactieve blaas trekt de blaasspier samen, ook als de blaas nog niet vol is. Dat gebeurt dus te vaak en zonder waarschuwing aan de hersenen. Het gevolg is dat iemand dan opeens heel nodig moet plassen, en moeite heeft de plas op te houden. Vaak lukt het maar net om op tijd bij de wc te zijn, of net niet.

Mogelijke oorzaken van een overactieve blaas:

  • Psychische factoren
  • Een te hoge spanning van de bekkenbodemspieren
  • Overprikkeling door bijv. alcohol, cafeïne, drugs, maar ook sommige medicijnen
  • Zenuwletsel in het ruggenmerg of in de hersenen
  • (Chronische) blaasontsteking

Wat is er aan te doen: De bekkenfysiotherapeut probeert de oorzaak van uw klachten te achterhalen en geeft  gericht advies en oefeningen. Indien nodig wordt bij de therapie gebruik gemaakt van PTNS. Hanna van Asma en Karen Beverdam hebben hiervoor aanvullende scholing gehad.

Wat is PTNS? PTNS betekend Posterior Tibial Nerve Stimulation, een vorm van elektrostimulatie waarover veel onderzoeken zijn gepubliceerd. Het is een eenvoudige, niet ingrijpende en vaak zeer effectieve therapie.

Hoe gaat PTNS therapie in zijn werk? De bekkenfysiotherapeut prikt een dunnen naald aan de binnenzijde van uw onderbeen, iets boven de enkel, en sluit hierop een draad aan van een elektrostimulatie apparaatje. Een tweede draad wordt aangesloten op een zelfklevende elektrode (plakker), die op of onder uw voet wordt geplakt. Vervolgens wordt het apparaatje ingeschakeld en de stroom voorzichtig opgevoerd totdat u een lichte stroom voelt.

Na ongeveer 6 weken is iets te merken van de therapie en wordt uw blaas rustiger. U heeft meer controle over uw blaas.

Afhankelijk van uw situatie, kunt u in overleg met uw bekkenfysiotherapeut de therapie thuis voortzetten. Dan gebruikt u geen naald en een plakelektrode, maar twee plakelektroden.

< Ga terug