Bij kinderen: zindelijkheidsproblemen

Iedereen die eet en drinkt moet ook plassen en poepen. Meestal gaat dit gewoon van zelf en denkt niemand daar over na.

Zindelijkheid is: gecontroleerd plassen en poepen op een plaats die daar speciaal voor bedoeld is. ‘Gecontroleerd’ wil zeggen dat het kind er echt zelf controle over heeft. Hij/zij moet dus plas en poep kunnen ophouden en zelfstandig kunnen reageren op aandrang, door zelf naar een speciale plek te gaan om te plassen of te poepen.

Er veel kinderen met die wel eens in hun broek of bed plassen of een poepongelukje hebben. Het ene kind verliest soms een scheutje plas of een veeg poep, een ander kind verliest een hele plas of een keutel. Sommigen kinderen moeten erg vaak plassen en zijn soms toch nog nat.

Niemand poept of plast expres in zijn broek of plast expres in zijn bed. Kleine kinderen voelen nog niet goed wanneer ze moeten plassen of poepen en doen dit de eerste jaren nog in een luier. Als je wat ouder wordt leer je voelen wanneer je naar de wc moet gaan om te plassen of poepen. Sommige kinderen leren dit al als ze twee jaar zijn, andere kinderen pas als ze 5 jaar zijn. Het kan zijn dat je altijd al moeite hebt gehad om te voelen wanneer je moet plassen of poepen en dat je dit moet gaan oefenen. Dit is net zo als bij het leren schrijven. Zo kan het ene kind heel netjes kleuren of schrijven en een ander kind moet dit nog wat langer oefenen om het goed en netjes te kunnen.

Veel kinderen praten niet over hun plas en poep ongelukjes, omdat ze zich er voor schamen. Ze weten dan ook niet dat er veel meer kinderen zijn met dezelfde problemen.

De oorzaak van het niet goed kunnen ophouden van je poep of plas kan heel erg verschillen. Soms werken de spieren van het plas- en poepgaatje niet goed. Soms werken de blaas en darmen niet goed. Soms zit het probleem in dingen die er om je heen gebeuren. Het kan zijn dat je het op school heel erg moeilijk vindt, of dat er thuis spanningen zijn tussen je ouders, een scheiding bijvoorbeeld of een ernstig ziek familielid. Soms ben je zelf ziek, waardoor het niet goed lukt om droog en schoon te blijven.

Angst en stress verhogen spanning in je lijf, in je spieren en dus ook in je plas- en je poepspieren. Die gaan daardoor wat minder goed werken, waardoor je klachten kunt krijgen als buikpijn of zonder dat je dit wilt je plas of poep verliezen.

De kinderbekkenfysiotherapeut kan je leren hoe je de plas- en poepspieren kunt gebruiken en kan je helpen om weer de baas te worden over het poepen, het plassen en je buikpijn. Je ouders of de mensen die voor je zorgen, kunnen je daar bij helpen maar het niet van je overnemen. Het is belangrijk dat je echt zelf je best gaat doen en extra gaat oefenen.
(Bron: Netty Bluyssen)

< Ga terug